Het bankje in het Haverland. Foto: Bernhard Harfsterkamp
Het bankje in het Haverland. Foto: Bernhard Harfsterkamp
Columns

Vanaf een bankje

In het Haverland

Door Bernhard Harfsterkamp

WINTERSWIJK – Als ik op het bankje aan de rand van het bos nabij de Willinkbeek en de Gossinkweg ga zitten, denk ik onmiddellijk aan een februariavond in 1973. In het bos tegenover me was ik op pad met een vriend, die net als ik meer dan gemiddeld in natuur was geïnteresseerd. We gingen er op uilenexcursie. Uilen hebben we die avond niet gehoord. Ik herinner me vooral dat ik regelmatig erg schrok. Terwijl we kris kras door het bos slopen, verstoorden we regelmatig een slapende duif. Die vloog dan met het nodige misbaar op.

Wij noemden toen al dat bos aan de Willinkbeek Haverland. Pas veel later begreep ik dat dit niet helemaal de juiste naam was. Dat was in de tijd dat ik nog werkte voor het Centrum voor Natuur- en Milieueducatie. In het voorjaar zette ik dan zo nu en dan het Egelpad klaar. Verspreid door het Gossink stonden dan acht houten egels. Bij elke egel hoorde een leuke opdracht om de natuur te ontdekken. Gossink? Dat bleek niet helemaal waar, want op een dag kreeg ik Arie Bruins aan de telefoon. Of ik wel wist dat die egels ook deels in zijn bos stonden? Nee, dat wist ik niet. Hij nam me het niet heel kwalijk.

Sindsdien stond als locatie voor het Egelpad altijd netjes vermeld dat het was opgesteld in het Gossink van het Geldersch Landschap en in het particuliere landgoed "het Haverland en het Oude Meerdink". Elke keer als ik er kom, hoor ik hem dat weer zeggen met zijn Groningse accent, want Bruins kwam oorspronkelijk uit de mooiste provincie van Nederland. Ook vandaag weer zeg ik de naam voluit, terwijl ik in de verte kijk naar twee soorten narcissen, die zich achter een beuk hebben verscholen. Dat Bruins hechtte aan juiste benamingen had ik al eerder gemerkt. In de jaren 80 had ik een excursie naar het Kiddenkamp in de krant aangekondigd, een gebiedje tussen Gossinkweg en Lageweg.

We waren nog geen tien minuten in het gebied of Arie Bruins kwam er op de fiets aan. Of we wel wisten dat die naam Kiddenkamp grote onzin was. Ja, we bevonden ons in een gebied waar hij bezittingen had, of beter gezegd zijn vrouw. Hij werd daarna al snel onze excursieleider en vertelde onderweg van alles over het gebied. Dat Kiddenkamp had ik overigens genoteerd, omdat die naam op de topografische kaart stond. Dat was toch niet zomaar verzonnen. Bruins sprak ik in de jaren erna vaker. Hij was het lang niet altijd met mij eens, want onze meningen over hoe om te gaan met natuur en landschap in Winterswijk verschilden soms behoorlijk.

Nadat ik mijn bezorgdheid over de zandwegen in Winterswijk in een landelijke krant had geuit belde hij me weer eens op. Hij had er geen goed woord voor over. Wist ik wel hoe veel last aanwonenden van zo'n zandweg konden hebben? De excursie die ik naar een van zijn andere landgoederen zou houden mocht niet meer doorgaan. De laatste keer dat ik hem ontmoette was hij echter weer een en al vriendelijkheid. Ik denk er aan als ik op het bankje zit. Mensen als Bruins hebben er aan bij gedragen dat het landschap in Winterswijk fraai is gebleven. Het Haverland en het Oude Meerdink is er een voorbeeld van. De Willinkbeek is hier vooral in het voorjaar prachtig, wanneer onder andere de slanke sleutelbloemen er overal bloeien. Een mooiere plant die langs de beken bloeit is er niet.

Arie Bruins overleed vorig jaar op een mooie leeftijd. Misschien heeft hij het bankje waarop ik nu zit zelf uitgezocht. Het maakt niet uit of dit waar is, maar ik vind het een mooie gedachte. Als ik hem nog een keer had mogen spreken, had ik gezegd dat ik graag over het landgoed Haverland en Oude Meerdink wandel, vooral over het gedeelte waar de Willinkbeek niet ver weg is. Ik zou hem gevraagd hebben of we het gebied niet nog wat mooier zouden kunnen maken, bijvoorbeeld door de naaldbomen in het beekbos geleidelijk aan te vervangen door loofhout.

reageer als eerste
Meer berichten