
Aanleg damwand in het Korenburgerveen schiet goed op
NatuurWINTERSWIJK - Het lijkt even alsof er een snelweg is aangelegd, dwars door het Korenburgerveen. Het begint al vanaf de parkeerplaats aan de Vragenderkant. Stalen rijplaten zover het oog reikt. In het veen zelf zijn ze van kunststof, enkele centimeters dik en een paar vierkante meter groot. Soms meerdere op elkaar. Ze lopen parallel aan de houten damwand die vijfentwintig jaar geleden in het veen is aangebracht om regenwater beter vast te houden en zo verdere verdroging van het hoogveen tegen te gaan.
Door Ronald van Harxen
Verdroging werkt onder andere vergrassing met pijpenstrootje en groei van berken in de hand. Het van oorsprong kletsnatte veen dreigde in een berkenbos te veranderen, waarin geen ruimte meer zou zijn voor typische veenplanten als zonnedauw, lavendelheide en veenbes en zou geen sprake meer zijn van een levend hoogveen. De damwand van toen heeft zijn werk gedaan, maar is inmiddels aan het eind van zijn levensduur. Op meerdere plekken brokkelde de wand af en gutste het water tussen de planken door. Opnieuw dreigde verdroging. Het goede werk van de afgelopen jaren dreigde teniet te worden gedaan. Met de status van Natura 2000-gebied die het veen inmiddels heeft, is nietsdoen geen optie.
Gebiedsboswachter André Westendorp van Natuurmonumenten: “Repareren zou lapwerk betekenen en hadden we om de paar jaar aan de bak gemoeten. En dat wil je niet. Dat betekent dat we nu fors moeten ingrijpen. Dat wil zeggen een compleet nieuwe damwand. En ja, dat ziet er heftig uit, met al die rijplaten en machines maar dat is tijdelijk. Zodra de plantengroei in het voorjaar op gang komt, zie je al snel weinig meer terug van de ingreep.” André vervolgt: “Samen met de provincie Gelderland en in overleg met mede-eigenaar Stichting Marke Vragenderveen en de gemeente Winterswijk hebben we ons breed georiënteerd op welk materiaal het meest geschikt zou zijn. Ook hebben we in het Fochteloërveen en de Peel gekeken waar vergelijkbare problemen spelen. Met de kunststofplaten waar we voor gekozen hebben, denken we op zijn minst de komende 50 jaar vooruit te kunnen, maar verwachten nog wel langer.”
Over de rijplaten rijdt een imposante kraan die van bovenaf de platen verticaal het veen in drukt. Zorgvuldig wordt een nieuwe plaat aan de vorige bevestigd. Het speciale profiel zorgt ervoor dat er geen water tussen de platen door kan sijpelen.
Verderop is de nieuwe damwand al onder een laag turf gepakt waardoor er een soort van dijkje is ontstaan. André: “Dat doen we onder andere ook om geen barrière op te werpen voor de vele kikkers en hagedissen die hier leven. Rechtstandig tegen een dertig centimeter boven het veen uitstekende verticale wand opklimmen gaat die beestjes niet lukken, en het oogt ook beter in dit gebied. Aan de andere kant is ook een ploeg bezig platen de grond in te drukken. Hier echter geen rijplaten maar een ingenieus railsysteem waarover een omgebouwd golfkarretje voor de aanvoer van nieuwe profielplaten zorgt. Andre: ”De klus, ruim twee kilometer damwand, moet voor de jaarwisseling geklaard zijn, daarom hebben we twee aannemers aan het werk. Elk heeft zijn eigen manier om de platen van de rand van het veen aan te voeren naar de werkplek. De damwandplaten zijn echter hetzelfde en de manier van inbrengen vergelijkbaar.”
Terwijl we het veen uitlopen wijst André enthousiast naar een witzwarte vogel in de top van een berk: “Een klapekster!” Hij zingt zelfs. Die is er vroeg bij. Normaal arriveren ze pas in de diep in het najaar uit hun broedgebieden in Zweden. Elk jaar overwinteren er een paar in het veen. Broeden doen ze al vele jaren niet meer in Nederland. Maar wie weet, als we het veen een keer op orde hebben …”













