
Preventie van natuurbranden krijgt in Achterhoek extra impuls
NatuurREGIO - Van Portugal tot Griekenland, het nieuws staat er elke zomer vol van: natuurbranden. Het lijkt in het natte Nederland een ver-van-ons-bed-show, maar zelfs in de Achterhoek neemt het risico aanzienlijk toe, zeggen provincie Gelderland en Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG). De provincie stelt 700.000 euro extra beschikbaar om de aanpak van natuurbrandbeheersing uit te breiden. “Iemand hoeft zijn auto met katalysator maar in droog bermgras te parkeren en een brand kan zo ontstaan”.
Door Guus Helle
Het Grote Veld nabij Lochem: heidevelden, grove dennen en kleine eiken. Voor hagedissen, vele soorten vlinders en insecten en een grote verscheidenheid aan vogels is het hun thuis. Een prachtig gebied om even te ontsnappen aan het drukke leven en een voorbeeld van echt cultuurlandschap: door de mens gemaakt en door de mens onderhouden.
Maar dit historische natuurgebied wordt bedreigd. Niet alleen door stikstof en de afbraak van biodiversiteit, maar ook doordat het risico op natuurbranden elk jaar toeneemt. Droogte is de grote boosdoener, door klimaatwetenschappers ook wel een ‘sluipmoordenaar’ genoemd: een aantal natte jaren kunnen snel teniet worden gedaan door een extreem droge periode. En dat kan ervoor zorgen dat de vlammen om zich heen slaan.
Gele heide
Het is eind augustus wanneer boswachters Harm Peter de Vries en Jantine Wesselink van Natuurmonumenten wekelijks door het Veld lopen. Ze weten wat er speelt: “Zelfs na een nat voorjaar is al te zien dat de heide geel wordt in warme maanden”, zegt De Vries, terwijl hij een droog plukje gras van de grond pakt, “Als hier een brand ontstaat zullen de vlammen snel verspreiden”.
De boswachters werken samen met de brandweer om het risico op een natuurbrand zo klein mogelijk te houden: dode takken langs de paden worden verwijderd, nieuwe brandgangen worden aangelegd en wegen voor de brandweer worden goed begaanbaar gehouden. Ook verwijderen ze sommige naaldbomen, zoals een aantal grove dennen langs de Oude Larenseweg: “Dit geeft loofbomen, zoals deze kleine eik, de ruimte om te groeien. Ze zijn meer bestand tegen droogte en houden vocht langer vast”, aldus De Vries.
Preventiesporen
Waar de boswachters van Natuurmonumenten zich richten op preventie van brand in de natuurgebieden zelf, overziet de veiligheidsregio het gehele plaatje: “Wij werken aan twee sporen: het ene samen met de provincie, het aanpakken van natuurgebieden en ervoor zorgen dat deze minder vatbaar zijn voor brand”, aldus Klaas Noorland, projectleider bij de VNOG. Alle natuurgebieden in het Achterhoekse landschap worden hierin meegenomen, van het Grote Veld tot aan het Wooldse Veen bij Winterswijk.
Bij het andere spoor wordt nauw samengewerkt met gemeenten, waarin voorlichting aan bedrijven en bewoners nabij de natuurgebieden centraal staat. Het doel is binnen twee jaar alle bedrijven, zorginstellingen en recreatieparken bezocht te hebben voor een schouw. Dit betekent dat, samen met de eigenaren en ondernemers, een rondje wordt gemaakt op de bedrijfslocatie en advies wordt gegeven voor betere natuurbrandveiligheid.
Noorland benadrukt dat een natuurbrand uit een onverwachte hoek kan komen: “Te denken valt aan een afvalcontainer. Vaak zien we dat hieromheen niet heel goed gemaaid wordt, waardoor planten tegen de container aan kunnen groeien. Als de inhoud van de container gaat composteren, kan dit zo heet worden dat er vlammen ontstaan. Welke overslaan op de planten en vervolgens op het achterliggende natuurgebied, of ze bereiken de bedrijfsgebouwen zelf”.
Voor de burgers die nabij natuurgebieden wonen organiseert de VNOG informatieavonden. Hen wordt verteld waar ze op moeten letten: “Het kan zoiets ogenschijnlijk ongevaarlijks zijn als verdroogde bladeren in de dakgoot. Tijdens een hete zomer kunnen deze volledig uitdrogen en als perfecte brandstof dienen. We raden mensen daarom aan om regelmatig hun dakgoten schoon te maken”.
Op de agenda
Het is voor alle betrokken partijen een proces dat steeds doorgaat: de droge maanden vragen om extra aandacht, maar ook in de natte maanden ligt het werk niet stil. En elk jaar neemt het risico op natuurbranden toe. Voorspeld is dat in 2050 meer dan twee derde van het Grote Veld een ‘hoog risico’ loopt op natuurbranden, volgens de klimaatatlas van waterschap Rijn en IJssel. In 2024 geldt dat al voor meer dan een derde van het Veld. En andere Achterhoekse natuurgebieden vergaat het niet veel beter.
Het werk wat de natuurbeheerders en de VNOG verrichten, heeft daarom een extra stimulans gekregen in de vorm van aanvullend budget. De 700.000 euro die de provincie beschikbaar stelt is noodzakelijk voor de opschaling van de preventiewerkzaamheden: “Het geld wordt onder andere gebruikt om meer deskundigen vrij te maken die de bedrijven kunnen bezoeken. Zonder dit geld had dit 6 tot 7 jaar kunnen duren, nu kunnen we het binnen twee jaar doen”, aldus Noorland.
Daarnaast komt natuurbrandpreventie op andere manieren terug op de agenda van de overheid, niet alleen in de Achterhoek. Naast de lokale en regionale samenwerking tussen natuurbeheerders, provincie en gemeenten, is een nationale aanpak van start gegaan. In juni heeft oud-minister Christianne van der Wal voor Natuur en Stikstof aangekondigd dat het ministerie 70 miljoen euro uittrekt voor het voorkomen en bestrijden van natuurbranden. Niet alleen voor maatregelen in en rond natuurgebieden, maar ook voor het oprichten van een expertisecentrum voor natuurbrandbeheersing. Het opstellen van een nationaal convenant natuurbrandbeheersing en het creëren van een Landelijk Crisisplan Natuurbrand zijn hier ook onderdeel van. Volgens Noorland allen welkome en nodige ontwikkelingen.
De VNOG zelf doet hier nog een schepje bovenop. Ze zijn als veiligheidsregio initiatiefnemers van de landelijke voorlichtingscampagne ‘Voorkomen van vuur is jouw natuur’. Het doel is bewoners, recreanten en recreatieondernemers bewust te maken van de risico’s van een natuurbrand en wat ze kunnen doen om dit te voorkomen.
Biodiversiteit
Boswachters De Vries en Wesselink blijven het Grote Veld in de gaten houden, ook in de kouder wordende maanden. De maatregelen die ze nemen zijn niet exclusief gericht op natuurbrandpreventie, juist bevordering van biodiversiteit is ook een belangrijk aspect. Dode takken die worden verwijderd om de brandgangen vrij te houden worden niet vernietigd. Ze krijgen een andere plaats, zodat insecten en kleine diersoorten een veilig onderkomen kunnen vinden in het natuurgebied. “Zoals kleine hagedissen”, zegt Wesselink. “Dit zijn de diersoorten die het meest te lijden hebben als hier een brand ontstaat. Ze zijn niet snel genoeg om te vluchten van de vlammen en zien hun omgeving verwoest worden”.
De Vries wijst naar een opkomend boompje: “Hier groeit een kleine eik. Door de omringende naaldbomen te verwijderen bestrijden we het risico op brand én geven we het meer ruimte om te groeien. Goed voor de biodiversiteit en voor het aanzicht van het Grote Veld”. Heidestruiken en kruiden zullen een plek vinden onder de eiken. Wesselink legt uit dat dit het landschap rijker maakt: “Dit is nu open bos. We zullen in de toekomst hier schapen laten grazen, waardoor er een nieuw landschapstype zal ontstaan: de boomheide.”
![]()
Dat een brand op het Grote Veld snel om zich heen kan grijpen, bleek in het verleden al eens. In 2013 was er een flinke brand in het natuurgebied. Foto: archief Achterhoek Nieuws










