Jim Startman met één van de klokkentouwen bij de entree van de Jacobskerk. Foto: Han van de Laar
Jim Startman met één van de klokkentouwen bij de entree van de Jacobskerk. Foto: Han van de Laar

Jim Startman is de klokkenluider van Winterswijk

‘Het liefst wil ik later ook beiaardier worden’

WINTERSWIJK - Jim Startman is al een lange tijd in de ban van kerkklokken. Van een hobby is het uitgegroeid tot een passie. Als het enigszins mogelijk is, bezoekt hij kerktorens en maakt opnamen van het luiden van de klokken en zet deze filmpjes op You Tube. Jim is nu achttien jaar en vanaf zijn twaalfde liefhebber van kerkklokken. Niet alleen het geluid, maar ook de constructie en fabricage hebben zijn grote interesse.

Door Han van de Laar

Nadat Jim zijn diploma op het Gerrit Komrij College had behaald, is hij begonnen aan de opleiding tot media-redactiemedewerker aan het Rijn IJssel College. Of zijn vervolgstudie ook die kant op gaat weet hij nog niet. “Ik zit sterk aan het conservatorium te denken. Daar wil ik dan de opleiding tot beiaardier volgen. Maar daarvoor moet je wel eerst toegelaten worden.”

Jim was twaalf toen hij een keer aan de kosters van de Jacobskerk vroeg of hij mocht helpen met het luiden van de klokken op kerstavond. Dat mocht en sindsdien is hij één van de vaste klokkenluiders bij bijzondere gebeurtenissen. Dat is bijvoorbeeld met Volksfeest en tweemaal op Kerstavond. Jim: “Meestal zijn we dan met zijn vieren. De grote zondagsklok, die ruim 2.000 kilo weegt, wordt met twee man geluid, de andere klokken door één persoon.” In 2014 ontmoette hij Wim Ruesink, de bekende Winterswijkse beiaardier. Jim mocht het carillon zien en vanaf dat moment werd de liefde voor het klokkenluiden uitgebreid met het bespelen van een carillon.

Lessen
“Dat vind ik toch wel erg mooi om te doen. Ik volg dan ook lessen bij Wim, momenteel online. Thuis heb ik een carillon-klavier zonder klokken, maar met xylofoonstaafjes. Om te oefenen is dat prima. Om toegelaten te worden op het conservatorium in Utrecht is het aan te bevelen een voorbereidend jaar te volgen. Dan leer je ook meer over de muziektheorie en dat kan ik goed gebruiken. Daar werk ik samen met Wim hard aan.” Er zijn zo ongeveer 200 beiaarden in Nederland. Dat Winterswijk in de toekomst naast Wim wellicht over nog een beiaardier beschikt, is natuurlijk alleen maar handig.

Dom van Utrecht
Jim heeft naast de kerken in Winterswijk ook diverse andere klokkentorens bezocht, zoals in Venray de Sint Petruskerk. In Groenlo de Heilige Calixtus Basiliek, in Aalten de Helenakerk, Zieuwent de Werenfriduskerk en dichter bij huis in Meddo de Johannes de Doperkerk. Onbetwist hoogtepunt is zijn bezoek aan de luidzolder van de Dom in Utrecht. “Daar sta je dan tien meter onder de veertien imposante klokken die er hangen. Daarnaast zijn er nog eens zo’n vijftig klokken voor het carillon. Het Barokkerkje in Zwillbrock staat nog op mijn lijstje. Tevens ‘De Oude Mattheüs’ in Eibergen. Daar hangt nog een klok uit de vijftiende eeuw. Dat is bijzonder, want er zijn er niet meer zoveel van dat tijdperk. Onder andere door brand, te hoge onderhoudskosten en roof, veelal in oorlogstijd, zijn veel klokken verdwenen.

Omgesmolten Papklok
Heel lang hebben er vier klokken in de Jacobskerk gehangen, maar zo’n vijftien jaar geleden is daar de Angelusklok bijgekomen. Die klinkt niet helemaal goed bij de andere klokken, want is iets te schel en te hoog van toon. Deze wordt elke dag om 17.00 uur geluid. Dat is om de aandacht te vestigen op het gebed ‘Onze Vader’. Daarnaast is er de Pempklok, de op één na kleinste klok. Deze werd voorheen vooral bij begrafenissen geluid. De Brandklok heeft deze functie overgenomen, dat gaat nu elektrisch met een motor. De Brandklok wordt overigens ook wel Papklok genoemd en slaat dagelijks om 12.00 uur. Vroeger was dat voor boeren en arbeiders het teken om te gaan lunchen. Om 21.00 uur luidde deze eveneens. Tijd om een bord pap te eten en te gaan slapen. Deze klok is in de oorlog door de Duitsers meegenomen en omgesmolten voor munitie. In 1949 is er een nieuwe versie in de kerktoren opgehangen. De grootste klok is de Zondagsklok. Die wordt altijd door twee personen geluid. Ook deze is in de oorlog meegenomen door de Duitsers, maar onbeschadigd teruggekomen. De klok stond in een opslag. De Winterswijkse klokken waren allemaal geregistreerd. Ook de vierde klok, de Middagklok was destijds meegenomen en kwam gelukkig ook weer ongeschonden terug. Op gewone dagen slaat de Zondagsklok ieder half uur éénmaal en op ieder heel uur het aantal slagen van het betreffende uur. Dat gebeurt overigens eveneens mechanisch. Alleen bij bijzondere gebeurtenissen wordt nog handmatig geluid.

Heiligerlee
Jim heeft ook het klokkengieterijmuseum in Heiligerlee (Groningen ) bezocht met een collectie van zo'n 400 luidklokken en zag daar hoe deze gemaakt worden. Daarnaast nog een andere gieterij in de provincie Groningen waar nog op ambachtelijke wijze klokken worden gegoten. Tevens zit er ook in het Brabantse Asten nog een Koninklijke Klokkengieterij, zodat er nog steeds nieuwe klokken besteld en gemaakt worden. Wim en Jim zitten samen met nog twee leden in de werkgroep Carillon en Luidklokken Winterswijk, onderdeel van de Stichting Vrienden van de Jacobskerk. Deze heeft tot doel meer bekendheid te geven aan het carillon en de luidklokken van de Jacobstoren. Meer informatie over Jim en de filmpjes over het luiden van de klokken staan op Facebook en op You Tube. De naam Jim Startman intypen is voldoende om ze te zien. Hij is niet de enige liefhebber. Met zo'n dertien andere jongeren tussen de vijftien en vijfentwintig jaar is er een appgroepje waarin ervaringen worden gedeeld.


Heeft u ook een hobby die een beetje uit de hand is gelopen, stuur dan een mail naar redactie@achterhoeknieuwswinterswijk.nl en wie weet staan we binnenkort bij u op de stoep.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden