
‘We vergeten er gewoon voor elkaar te zijn’
Veur de DraodACHTERHOEK - In Veur de Draod beantwoorden Bekende Achterhoekers stellingen. Wie antwoordt legt zijn ziel bloot. In deze aflevering Elena Kock (1989) uit Doetinchem. Zij breekt als dichteres door met haar bundel Tussen Hemelse Momenten en Helse Fragmenten via de literatuuruitgeverij Palmslag. Daarnaast werkt Kock in de zorg.
Door André Valkeman
1) Mijn mentale bui is:
“Vandaag voel ik me goed. Rustig, tevreden en dankbaar. Ik ben aan het werk, heb een paar fijne afspraken staan en merk dat ik steeds meer rust heb gevonden in waar ik ben en wie ik ben. Het leven voelt soms als een rollercoaster, maar ik heb geleerd dat dat oké is. Dat je niet alles hoeft te controleren. Dat je best doen echt goed genoeg is.
Ik zit midden in een verbouwing, wat soms hectisch is en soms ben ik er helemaal klaar mee en soms vind ik het fantastisch.’’
2) Ik lijk het meest op ‘mien va/mo’:
“Ik lijk het meest op mijn vader. Niet alleen in mijn ogen of in mijn glimlach, maar vooral in hoe ik naar de wereld kijk. Net als hij ben ik een verbinder, iemand die gelooft in de kracht van mensen en in het belang van zorg en aandacht.
Hij werkte ook in de zorg, zette zich in voor anderen en hield van netwerken. Soms kom ik mensen tegen die zeggen: ‘Jouw vader ken ik nog.’ Dat raakt me iedere keer. Ik weet dat hij trots op me is. Dat voel ik, zonder dat hij het nog tegen me kan zeggen.”
3) Mijn grootste angst in het leven is:
“Ik denk liever niet te veel na over angst. Ik probeer te leven in het moment. Maar diep vanbinnen ben ik wel bang om mensen teleur te stellen. Ik wil het graag goed doen, voor iedereen. Vroeger deed ik daar alles voor, soms ten koste van mezelf. Nu weet ik dat als je jezelf verliest, je ook een ander niet gelukkig kunt maken.
Misschien ben ik het meest bang dat de wereld steeds individualistischer wordt. Dat we elkaar minder echt zien, minder echt luisteren. Dat we vergeten hoe belangrijk het is om er gewoon voor elkaar te zijn.”
4) Na de dood is er:
“Wat er na de dood is, weet ik niet. Maar ik wil graag geloven dat er iets moois is. Dat onze ziel niet verdwijnt, maar verder reist, in een andere dimensie. Ons lichaam is eigenlijk maar een jas, een tijdelijk omhulsel en de liefde blijft, ook als iemand er niet meer is. Soms voel ik dat mijn vader er nog is, op een manier die ik niet kan uitleggen maar wel kan voelen. Het idee dat liefde blijft doorreizen, geeft me troost. Misschien is het niet zo, maar ik vind het fijn om daarin te geloven.”
5) Het allerbeste gedicht is:
“Vreugde en verdriet van Toon Hermans dat begint met: er moeten mensen zijn die zonnen aansteken, voordat de wereld verregent. Mensen die lente maken van de winter in hun hart…’’
6) Ik kan buiten de
Achterhoek wonen:
“Ik zou prima ergens anders kunnen wonen. Ik heb het ook gedaan, ruim anderhalf jaar buiten de Achterhoek. Het was een mooie tijd, vol nieuwe ervaringen. Maar hoe verder ik weg was, hoe sterker ik merkte dat mijn hart hier ligt. Mijn roots zijn Achterhoeks. Hier voel ik me thuis. Er is iets aan deze streek dat je niet goed kunt uitleggen: de rust, de ruimte, de nuchterheid, de manier waarop mensen echt naar elkaar omkijken. Thuis is niet per se een plek, het zit in de mensen om je heen. En toch… zeg nooit nooit. Misschien woon ik toch ooit nog eens ergens anders. Het leven is zo onvoorspelbaar.”
7) De mens is monogaam:
“Of de mens monogaam is, weet ik niet. Liefde is complex. Soms is het een keuze, soms overkomt het je. Ik denk dat liefde hard werken is, dat het draait om eerlijkheid en kwetsbaarheid. Dat je altijd iemand anders kunt ontmoeten, maar dat als je in je relatie blijft praten, blijft delen, ook als het moeilijk is, je samen kunt groeien. Voor mij is liefde kiezen, in goede en in slechte tijden. Je weet nooit hoe het loopt en niets is voor altijd. Maar in de liefde wil ik soms wel graag geloven dat het voor altijd kan zijn. Ik ben al meer dan vijf jaar heel gelukkig met mijn vrouw.”
8) Hierom huilde ik voor het laatst:
“De laatste keer dat ik huilde was eergisteren. Ik kreeg een herinnering te zien van een moment uit 2020, toen ik met mijn vader aan de keukentafel zat te puzzelen. Zo’n gewoon, klein moment dat nu zo veel betekent. Dat raakt dan even.”
9) Mensen met accent en of tongval zijn:
“Ik heb geen oordeel over mensen met een accent of een tongval. Iedereen mag praten zoals hij of zij is. Sommige accenten vind ik mooier dan andere, maar dat zegt niets over wie iemand is. Dialect is iets om trots op te zijn, het vertelt een verhaal over je achtergrond, over warmte, over trots. Mijn eigen Achterhoekse tongval hoort ook bij mij, en dat vind ik alleen maar mooi.”
10) Dit komt op mijn steen:
“Om eerlijk te zijn heb ik daar nooit echt over nagedacht. Ik wil gecremeerd worden, dus een grafsteen is voor mij niet iets waar ik veel bij stilsta. Maar als er dan toch iets gezegd zou moeten worden, dan liever iets wat niet te zwaar is. Misschien iets wat laat zien dat ik heb geleefd zoals ik was: nuchter, met humor, en met mijn hart op de juiste plek.”