
Judith van Wanroij. Foto: Shoots and More Haarlem
‘Geef mij geen uitvaartdienst’
MaatschappijACHTERHOEK - In Veur de Draod beantwoorden Bekende Achterhoekers helse stellingen. Wie antwoordt legt zijn ziel bloot. Vandaag Judith van Wanroij (48), de mondiale operazangeres uit Groenlo.
Door André Valkeman
1) Mijn mentale bui is:
“Top. Ik zit in Parijs en ben vrij. Ik ga wandelen in de wijk Montmartre. Morgen heb ik een generale en direct daarna een optreden. Ik speel Ariane in de opera ‘Ariane et Bacchus’, in Théâtre des Champs-Élysées. Er doen circa honderd musici mee. De generale kort op een concert is spannend, maar het is nodig omdat we nog niet alles doorgenomen hebben.
Je kan je uren drukmaken, maar: ik zie wel! Alles komt altijd, op een bepaalde manier, op zijn pootjes terecht. Ik kom van optredens in Boedapest. Alles hadden we daar lang doorgenomen, toch sloeg de dirigent twee delen over. Zo zette hij ineens mijn aria in, terwijl ik nog in het halletje naast het podium stond. Ik sprintte naar voren. Het orkest, de dirigent en ik… We moesten stiekem lachen. Zie, ook toen kwam het goed.”
2) Ik lijk het meest op ‘mien va/mo’:
“Een lastige. Ik lijk zeker op mijn moeder. En mijn vader… Ja, mijn vader heet Harry van Wanroij. Hij overleed toen hij 39 jaar was. Plotseling. Een hartaanval. Hij was dirigent van een mannenkoor, studeerde schoolmuziek met bijvak piano. Ik heb dus ontegenzeggelijk iets van hem, dat muzikale. Alleen de invloed van mijn ouders vergelijken blijft lastig, omdat ik zes was toen mijn vader overleed. Ik maakte mijn vader daarvoor te kort mee.”
3) Dit is mijn grootste angst:
“Na al die jaren nog steeds: podiumangst. Zingen is als van de duikplank springen en je weet niet of er water in het bad zit. Ja, dat is een goede metafoor. Je weet niet of je stem het doet. En je bent bang voor het publiek en reacties. Zullen ze het mooi vinden? Maar ik wil mijzelf niet beroven van wat ik het liefst doe: zingen. Die gedachte duwt mij iedere keer het podium op.”
4) Na de dood is er:
“Ik heb een pesthekel aan de kerk gekregen. Die intriges, de blik op homo’s en vrouwen, geen erkenning van misbruikzaken… Bah. Ik liet mij uitschrijven.
Wat het leven na de dood betreft: wij komen allemaal uit een soort grote ziel, denk ik, en na de dood worden we daarin weer opgenomen. Er is zeker meer tussen hemel en aarde.”
5) Ouder worden is:
“Op mijn leeftijd schrik je van dat oudere hoofd. De rimpels. Aan de andere kant denk ik: zo gaat dat. Fillers en botox zie ik bij anderen voorbijkomen, maar dat legt je gezichtsspieren lam, en dat kan ik niet gebruiken als zangeres. En ik denk ook: als je eraan begint, waar is het einde dan? Je opent de Doos van Pandora, denk ik.
Ik heb natuurlijk een sopraanstem, dan word je gecast als het frisse figuur uit het stuk. Straks, als ik boven de 55 ben, kan ik er niet meer aan komen klossen als het jonge bloempje. Ik kan dan nog zat andere liederen zingen, alleen de sopraanrollen niet meer. Daar moet je vrede mee hebben.”
6) Ik kan buiten de Achterhoek wonen:
“Ik woon in Haarlem en ga van daaruit de wereld over. Dus: ja, dat kan ik. Maar de Achterhoek bezoek ik nog altijd. Het staat voor rust, natuur, groen en warmte. Ik denk ook aan al die mensen die mijn moeder hielpen toen mijn vader overleed, dat is heel bijzonder en dat moet je koesteren.”
7) De mens is monogaam:
“Iedereen kiest wat zijn normaal is, mijn normaal is monogaam. Ik heb een heel leuke partner, je bouwt iets op en onze afspraak is dat we monogaam zijn. Totaal geen opgave voor mij.”
8) Hierom huilde ik voor het laatst:
“Mijn zoontje die ik miste, dat was gisteren. Hij zit thuis in Haarlem en had een dansvoorstelling waar ik niet bij kon zijn. Hij was zó gespannen. Ik wilde hem verzorgen, kalmeren en troosten en dat kon niet anders dan alleen via een Facetimegesprek. Ik voelde me toen best machteloos. Daar heb ik even een stille traan om gelaten.”
9) Mensen met een accent zijn:
“Ik heb ABN aangeleerd maar neem snel accenten over. Als ik terug ben in Groenlo krijg ik het ook weer. Echt dialect kan ik niet spreken en dat vind ik wel jammer. Achterhoeks is mooi. Ik vind het zo wonderlijk en mooi dat mensen in Duitsland en zelfs in Basel nog Achterhoeks verstaan.”
10) Dit komt op mijn grafsteen:
“Helemaal niets. Ik word gecremeerd en ik wil dat mijn as samen met een zaadje van een boom geplant wordt en tot boom uitgroeit. Ik wil ook geen uitvaartdienst met toespraken enzo, ik houd daar gewoon niet van. Laat mij in stilte gaan.”