Bij binnenkomst schrijft de Voedselbank cliënt zich in. Foto: Leander Grooten
Bij binnenkomst schrijft de Voedselbank cliënt zich in. Foto: Leander Grooten

Armoede vanuit verschillende invalshoeken bekeken

Voedselbank: geoliede machine

Door Leander Grooten

WINTERSWIJK - In een vierluik bekijkt Achterhoek Nieuws het fenomeen armoede vanuit verschillende invalshoeken. De Gemeente Winterswijk stelt zich als doel in 2040 geen armoede meer te kennen. Evengoed ligt het percentage inwoners met een laag inkomen hoger dan het landelijk gemiddelde en stijgt de deelname aan de voedselbank alleen maar. Dat maakt de uitdaging des te belangrijker.
In dit eerste deel lopen wij mee met de Voedselbank.

Op vrijdag zijn de vrijwilligers druk. Producten van lokale bakkerijen en supermarkten ophalen in de ochtend. Sjouwen van zo'n 120 grote kratten in de middag. Om daarna te sorteren en weg te geven. Voor gemiddeld 90 Winterswijkse cliënten zijn ze in de weer.

Het wijkcentrum raakt langzaamaan vol met blauwe, rode, grijze en gele kratten. Daarin zit het voedsel: vlees, zuivel, broden, broodbeleg, houdbare producten. Ook zijn er boodschappenpakketten, zoals die gespaard kunnen worden bij de grootgrutter. En deze keer als extraatje een lading witte kolen, voor elke cliënt één. Of twee, want ze raken niet op.

Armoede kan iedereen overkomen
Sinds tien jaar bestaat de Voedselbank in Winterswijk. De eerste in Nederland ontstond in 2002 in Rotterdam, ver nadat omringende landen het concept hadden omarmd. Ons land wilde er niet aan, niemand hoeft toch immers arm te zijn in de welvaartstaat? Inmiddels heeft elke gemeente in ons land een voedselbank en worden er 40.000 pakketten verstrekt en zijn er 11.000 vrijwilligers actief.
Zonder de Voedselbank hebben cliënten niet genoeg eten om de week door te komen.
Er is geen zicht op een daling van het aantal cliënten. Redenen voor deelname zijn divers, het zijn niet alleen kansarmen. Ook zij die wel een baan hebben, maar in de schulden zijn geraakt, bijvoorbeeld als gevolg van de crisis of of omdat zij noodgedwongen hun huis met restschuld moesten verkopen. Armoede kan iedereen overkomen.

De buik gevuld
Een week ervoor bezoeken wij het distributiepunt in Lichtenvoorde. Zichtbaar is de grote logistieke operatie: van de binnenkomst van vrachtwagens met voedsel uit Arnhem tot het inpakken van kratten. Harry Kok, secretaris van de Achterhoekse Voedselbanken, legt tijdens een rondleiding in het volledig geoutilleerde bedrijvenpand uit hoe dit gefinancierd wordt. "Het is allemaal geschonken: vrieskisten, heftrucks, papierpers." De voedselbanken jagen het doel na om uitsluitend met vrijwilligers en met donaties te werken. En dat lukt.
Metershoog staan dozen chips opgestapeld. Moet een voedselpakket niet vooral gezond zijn? Volgens Harry Kok is dat een stap te ver. "De eerste behoefte is de buik vullen. Pas daarna komt de vraag of het ook gezond moet zijn. Daarnaast weigeren we geen producten omdat we daarmee de kans lopen dat die supermarkt de volgende keer minder geeft. Het beschadigt de relatie."
In Lichtenvoorde worden pakketten gemaakt voor twaalf Achterhoekse gemeenten, voor zo'n 350 cliënten. Winterswijk heeft de meeste cliënten.
Harry Kok: "Landelijk gezien doet Oost Gelderland het goed. In onze regio zie je nog veel betrokkenheid van kerken en organisaties die doneren. In grote steden zijn meer cliënten, maar is de betrokkenheid kleiner."

Jaloerse IKEA
Terug naar Winterswijk, alwaar een geoliede machine werkt: chauffeurs brengen de kratten en vertrekken na levering. De groep vrijwilligers zijn hardwerkende senioren, waarvan de oudste 76 is. Met routine maken zij van de rechthoekige ruimte een eenduidige route waarlangs de cliënten lopen. De IKEA zou er jaloers op worden.
Terwijl de vrijwilligers rond 2 uur een kopje koffie nuttigen, arriveren de eerste cliënten met hun big shoppers.

Geen pakket zonder traject
Cliënten schuifelen in Winterswijk in de rij en worden met vriendelijkheid bejegend. De administratie is consequent: was je er vorige week niet, dan wordt dat opgemerkt. De vraag rijst dan immers of je het wel nodig hebt. Elke cliënt heeft een hulpverleningstraject. "Je komt alleen in aanmerking voor een voedselpakket als er ook hulp wordt verleend om de situatie te verbeteren," aldus een vrijwilliger. Geen pakket zonder traject is de veel gebezigde leus.

Bigshoppers
Cliënten (huishoudens of individuen) melden zich present voordat zij een voedselpakket krijgen. De samenstelling verschilt per week, afhankelijk van de giften van grootgrutters. Doorgaans zit er brood, pasta, sausjes, groenten in blik of vers en vlees in. Kinderen die jarig zijn, krijgen een cadeautje en met Sinterklaas of Kerst wordt extra uitgepakt.
Eet de cliënt geen varkensvlees? Dan wordt daar rekening mee gehouden. Hetzelfde geldt voor vegetariërs. Cliënten stoppen de inhoud in hun meegebrachte boodschappentassen. Sommigen krijgen het amper mee. Anderen ruilen buiten om met andere cliënten wat ze niet lekker vinden.

Verschillende emoties
Het taboe dat op armoede heerst, maakt dat een deel van de cliënten wat schuchter om zich heen kijkt. Sommigen uiten dankbaarheid aan de vrijwilligers, ze zien ze immers wekelijks en ze voelen zich gezien in hun noodzaak. Anderen uiten zich verbaal agressiever vanuit onvrede, bijvoorbeeld omdat zij geen recht meer hebben op een pakket. Het ontstijgt het mopperen. Bij tijd en wijle is er politie ingeroepen, maar dat is meer uitzondering dan regel. Het secretariaat laat zich echter niet uit het veld slaan en doet gestructureerd haar werk. Een kwaadwillende cliënt zou met gemak haar iets aan kunnen doen. Het kleine tafeltje waarachter zij zit, is niet bestand tegen agressiviteit. Wellicht maakt het belang dat de burger heeft bij het pakket en de sociale druk in de ruimte, dat er geen vrijwilliger is aangevallen.

Groot hart
Er wordt een volle werkdag hard gewerkt door de vrijwilligers op leeftijd: sjouwen, bukken, opstapelen. En daarnaast een psychische veerkracht: cliënten worden bedreigd in hun basisbehoefte en zijn niet allemaal een onbeschreven blad.
Alleen maar lof voor hen die dit met een groot hart voor de medemens wekelijks doen.
De vraag rest aan het einde van de dag hoe deze 'trein' ooit gestopt kan worden in 2040. Immers, dan zou het toch niet meer nodig zijn, als de armoede uit Winterswijk verdwenen is?

Volgende week: de achtergronden van de Sociale Dienst en hun visie op het verdwijnen van armoede in de Achterhoek.


Bronnen: www.voedselbankennederland.nl en speech Wim Aalderink d.d. 2 november 2017 bij Sociaal Steunpunt Winterswijk

Meer berichten