De kievit. foto: Jan Stronks
De kievit. foto: Jan Stronks

Het Meddose Veld: Winterswijks eigen weidevogelbolwerk

Natuur

WINTERSWIJK - Bij Winterswijk denk je niet snel aan vogels als kievit, grutto of wulp. Weidevogels, die je eerder associeert met Friesland of waterrijke gebieden in Noord-Holland. Toch heeft ook Winterswijk zijn eigen weidevogelbolwerk: het Meddose Veld. Grofweg het gebied tussen de Duitse grens (Zwillbrock) en Meddo. Ecoloog én fanatiek vogelteller Rody Schröder volgt ze daar al jaren: ”Toen degene die al vanaf 1974 de Winterswijkse weidevolgels bijhield in 1985 voor werk naar Drenthe vertrok, nam ik het van hem over. Eerst alleen de ‘grote drie’ grutto, scholekster en wulp, later ook de ‘kleine jongens’ als graspieper, gele kwikstaart en veldleeuwerik en de flink in aantal afgenomen kievit. Voor je het weet raak je eraan verslingerd en ben je veertig jaar verder.”

Door Ronald van Harxen

Het gebied dat Rody telt is 340 ha groot en grotendeels intensief grasland. Her en der liggen percelen met aardappels, mais of een ander akkergewas. Zandwegen als de Grevinkweg en de Veeninkweg doorsnijden het open landschap. Enkele bosjes doorbreken de openheid. Die afwisseling zorgt ervoor dat ook een leuke soort als de gele kwikstaart (neefje van erfvogel witte en de beekvogel grote gele) er voldoende van zijn gading vindt. Rody: “Die broedt soms zomaar tussen de aardappels. Het aantal paartjes schommelt tussen de vijftien en dertig, de laatste jaren zo’n vijfentwintig. Dat is ook landelijk gezien een heel mooie dichtheid.”

Van maart tot en met juni loopt Rody zijn vaste ronde door het gebied, een keer of vijf, drie tot vijf uur achtereen. En onderwijl  schrijft hij alles op wat hij ziet en hoort. “Natuurlijk zijn de aantallen achteruitgegaan (de scholekster is zo goed als verdwenen) en betrekkelijk laag vergeleken met meer optimale gebieden elders, maar bijvoorbeeld de veldleeuwerik (15-25 paartjes) heeft me aangenaam verrast. Aanvankelijk dacht ik dat hij kritische soorten als kemphaan, watersnip en tureluur achterna zou gaan - naar de uitgang - maar de stand heeft zich wonderbaarlijk hersteld. Waarschijnlijk heeft het veranderde beheer van slootkanten en onderhoudspaden daarbij een belangrijke rol gespeeld. Het is elke keer weer genieten als je hem hoog in de lucht zijn opgewekte liedje hoort zingen. Een voorjaarsgeluid bij uitstek.”

Met 20 tot 40 paar kieviten, 3 tot 5 paar grutto’s en gemiddeld 5 paar wulpen krijg je in het Meddose Veld nog steeds een aardige indruk van het weidevogelwalhalla dat de voormalige heidevelden na de ontginning ervan in de eerste helft van de twintigste eeuw decennia lang waren. In bijvoorbeeld het Masterveld of het Vosseveld is daar weinig meer van over. Rody: “Laten we het Meddose Veld daarom koesteren. Maatregelen als een uitgekiend randenbeheer, lokaal verhogen van de waterstand, open houden (dus geen houtwallen aanleggen) en bemesting met stalmest kunnen ervoor zorgen dat de kwaliteit nog verder toeneemt. Dat ook mijn kinderen hun kinderen -wandelend of fietsend over de Zwilbroekseweg - nog een graspieper op een paaltje kunnen aanwijzen of een veldleeuwerik of kievit kunnen laten horen. Hoe droevig zou het zijn als zij het verschil tussen een wulp (kromme snavel naar beneden) en een grutto (opgewipte snavelpunt) niet meer zouden hoeven uit leggen omdat de vogels in de geschiedenisboekjes zijn beland. Dat laten we toch niet gebeuren!”

De veldleeuwerik. Foto: Jan Stronks

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant